Feiten
HDC Media wil zo’n vijftig arbeidsplaatsen laten vervallen door natuurlijk verloop. Een externe partij wordt belast met een onderzoek naar het verminderen van het aantal abonnees. Het bestuur vraagt in oktober 2007 advies aan de ondernemingsraad over het ‘voornemen tot herindeling en reductie van de redactionele organisatie’.
De ondernemingsraad reageert schriftelijk op 13 november, waarbij hij aangeeft de uitslag van het onderzoek te willen ontvangen. De bestuurder interpreteert deze reactie als een negatief advies en geeft aan dat de voorfase van het voorgenomen besluit is ingegaan. De ondernemingsraad stapt daarop naar de Ondernemingskamer en voert aan dat de bestuurder het advies niet heeft afgewacht.
Ondernemingskamer
De Ondernemingskamer vindt dat de bestuurder de onderzoeksuitslagen moet verstrekken of anders kenbaar maken dat hij dit niet van plan was en het advies binnen een bepaalde termijn verwacht. In plaats daarvan besluit de bestuurder de brief van de ondernemingsraad als een negatief advies te interpreteren. Gezien het voorgaande is de ondernemer tot het besluit gekomen zonder het advies van de ondernemingsraad af te wachten.
Daarnaast vindt de ondernemingsraad dat de opschortingstermijn van een maand niet in acht is genomen. De ondernemer spreekt over het intreden van een ‘voorfase’. Maar een ‘voorfase’ geldt in de zin van de WOR al als uitvoering van het genomen besluit tot reorganisatie. Immers, de vacatures worden niet meer vervuld en tijdelijke contracten worden niet verlengd. De Ondernemingskamer vindt het redelijk dat de ondernemingsraad eerst de uitkomsten van het onderzoek wil zien om te concluderen of er daadwerkelijk moet worden gereorganiseerd.
Commentaar
Ingevolge artikel 25 lid 6 WOR dient de ondernemer een opschortingstermijn van een maand in acht te nemen voordat hij het besluit mag uitvoeren. De betekenis van deze termijn is dat de ondernemingsraad de gelegenheid heeft zich te beraden op het instellen van beroep bij de Ondernemingskamer. Bij deze afweging mag de ondernemingsraad geen vrees hebben dat de ondernemer ondertussen toch het besluit uitvoert.












