Bedrijven die preventiemedewerkers aanstellen moeten dat doen in overleg met de OR. Een mooie gelegenheid voor de OR om het arbobeleid weer eens goed door te lichten en de vinger aan de pols te houden. Mooie bijkomstigheid: de OR kan zich meteen op de werkvloer profileren.
Bevoegdheden preventiemedewerker
De preventiemedewerker is bevoegd om te overleggen met zowel medewerkers als leidinggevenden, mag gevraagd en ongevraagd advies geven en mag mensen aanspreken die bijvoorbeeld geen persoonlijke beschermmiddelen gebruiken of niet de juiste veiligheidsprocedures volgen. Een overzicht van bevoegdheden:
- In overleg treden met betrokkenen en verantwoordelijken bij afwijkingen van arbobeleid
- Rapporteren van voortdurende problemen aan VGWM-commissie van de OR
- Gevraagd en ongevraagd tussenkomst plegen
- Inzage hebben in relevante documentatie
De preventiemedewerker is zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn tussenkomst en legt zelf verantwoording af aan de preventiemedewerker-collega’s en de VGWM-commissie van de OR. Eindverantwoordelijkheid voor arbobeleid blijft bij leidinggevenden en directie van de organisatie liggen. Belangrijke randvoorwaarde bij de introductie van preventiemedewerkers is steun van management en OR. Iedereen moet bereid en voorbereid zijn op een serieuze afhandeling van problemen die ze aankaarten.
Leidinggevenden en managers dienen actieve steun te verlenen om de preventiemedewerkers hun werk te laten doen. Daarbij moeten ze hun eigen verantwoordelijkheid als leidinggevende niet uit het oog verliezen.
Ook voor het beschikbaar stellen van tijd, middelen, overleg en opleiding hoort draagvlak te zijn. De tijdsbesteding van de preventiemedewerker is niet in uren te vangen, het is geen hoofdtaak in de eigen functie. Belangrijke voorwaarde voor de invoering van het systeem van preventiemedewerkers is dat het alleen werkt op basis van vrijwilligheid.
Het is verstandig een aparte commissie te benoemen waarin de preventiemedewerker, de OR, iemand van P&O, iemand namens de werkgever en de arbocoördinator zitting hebben. Dan kun je samen het beleid vormgeven. De OR kan erop toezien dat het arbobeleid geen papieren tijger wordt.’ De Arbeidsinspectie kan nog steeds het arbobeleid toetsen, de arbozorg blijft een verplichting en de OR heeft instemmingsrecht bij de invulling van de preventietaken. Het gaat immers om een regeling op het gebied van arbeidsomstandigheden, ziekteverzuim of reïntegratiebeleid.
Een bedrijf kan één of meer preventiewerkers aanstellen. Als het nodig is voor elke afdeling één. De bevindingen van de preventiemedewerker kunnen worden verwerkt in de RIE. Elke werknemer kan preventiemedewerker worden. Volgens deskundigen moet deze persoon in ieder geval:
- preventie binnen de organisatie organiseren
- bijstand leveren met betrekking tot de RIE
- adviseren van en samenwerken met belanghebbenden en betrokkenen, zoals de OR
- de weg weten naar relevante informatiebronnen.












