Het Gerechtshof Den Haag houdt in grote lijnen als maatstaf aan dat 0,7 x de (nieuwe) kantonrechtersformule (ABC-formule) betaald moet worden. De andere gerechtshoven hebben een XYZ-formule bedacht. Daarin zijn een groot aantal toetsingscriteria opgenomen. Indien daaraan voldaan is en er is sprake van een kennelijk onredelijk ontslag, hanteren zij als norm 0,5 keer de oude kantonrechtersformule. Beide formules zijn nu aan de Hoge Raad voorgelegd. Die zal hier binnenkort over oordelen.
Het Nederlands ontslagrecht kent twee wegen. Via het UWV-werkbedrijf (vroeger het CWI). Hierbij wordt geen uitspraak gedaan over een vergoeding. Of via een ontbindingsprocedure bij de kantonrechter, die aan de hand van de kantonrechterformule een vergoeding vaststelt.
Wanneer een arbeidsovereenkomst met toestemming van UWV-werkbedrijf zonder enige vergoeding is beëindigd, kan het onder omstandigheden zo zijn dat dit ‘kennelijk onredelijk’ is. Dan kan een procedure bij de kantonrechter en in hoger beroep bij het gerechtshof gestart worden om een vergoeding te vorderen.
Jarenlang is er discussie geweest in de juridische literatuur en in de rechtspraak of daarbij ook als basis moest worden genomen de kantonrechterformule. Het Gerechtshof Den Haag heeft die discussie willen doorbreken door met een algemene norm te komen. Daarop hebben de andere gerechtshoven besloten gezamenlijk met nog een andere formule te komen. De verwarring is nu compleet.
Dit kan ook gevolgen hebben voor onderhandelingen over sociale plannen. Daarbij wordt zowel door de werkgever als door vakbonden en ondernemingsraden rekening gehouden met de normen die rechters hanteren. Het is te verwachten dat de Hoge Raad binnenkort voor meer rechtseenheid zal gaan zorgen.
Bron: Loe Sprengers, Advocaat bij het Advokatenkollektief Utrecht en hoogleraar Universiteit Leiden




