65-plusser nog steeds aantrekkelijk voor arbeidsmarkt
Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?
Het aantal 65-plussers dat werkt is sinds 1999 met 0,8% toegenomen. In 2004 werkten 83.000 mensen na hun pensioen gemiddeld 20 uur per week. Meer dan de helft (57%) is havo-, vwo- of mbo-geschoold en het merendeel (59%) werkt als zelfstandige. Een op de vijf heeft een tijdelijk dienstverband en een even grote groep heeft een vast contact. Veel werkgevers blijken huiverig om 65-plussers een contact voor onbepaalde tijd aan te bieden omdat onduidelijk is hoe lang iemand het werk volhoudt. Ook de verplichting voor loondoorbetaling bij ziekte schrikt veel werkgevers af. Om deze risico’s te beperken wordt vaak gekozen voor een constructie via een uitzendbureau.
Het zijn vooral mannen (72%) die doorwerken. Meestal gaat het om sociale redenen, onderhouden van contacten, gevoel van eigenwaarde en behoud van vitaliteit. Weinigen voeren financiële argu-menten op, omdat ze al een basisinkomen hebben met hun AOW. Velen hebben bovendien een aanvullend pensioen. Juist die wetenschap moet de doelgroep aantrekkelijk maken voor werkge-vers. Er hoeven namelijk geen werknemersverzekeringen, zoals WW, te worden betaald.




